Duurzaamheid 12: Maatschappelijke transities en ons ik

De Bildung Academie

Op 2 juni 2016 gaf ik een gastcollege bij een leuke groep studenten die deelnemen aan de in Amsterdam opgezette Bildung Academie (http://debildungacademie.nl/). De Bildung Academie is een aanvullend academisch platform dat ‘invulling geeft aan datgene waar bestaande universiteiten niet aan toekomen: gericht aandacht geven aan persoonlijke ontplooiing van de student en aan de bevordering van zijn maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef’. Zij gaan dieper in op thema’s zoals energie, geld, overtuigingskracht, kunst, identiteit, religie en spiritualiteit. Mijn collegemiddag had als thema ´Duurzaamheid als houding?´ De middag startte ermee dat twee studenten mij interviewden over mijn publicaties en wie ik als persoon eigenlijk was.

bildung akademie

Beleving van transitie voorbeelden

Daarna hield ik mijn college en vervolgens gingen we al discussiërend dieper in op vragen zoals wat er nu eigenlijk gebeurt bij een maatschappelijke transitie. Deze groep verdiepte zich namelijk in de energietransitie. Ik had zelf het volgende lijstje met transities die mij van belang leken voorbereid:
• Eerste vaccinatie (tegen pokken) 1718
• Eerste spoorlijn (A’dam-Haarlem)1839
• Eerste waterleiding (Haarlem –A’dam)1853
• Eerste elektriciteitscentrale in Nederland (Kinderdijk)1863
• Oprichting Verenigde Naties 1945
• Eerste atoombom op Hiroshima 1945
• Oprichting Europese Gemeenschappen Kolen en Staal 1951
• Start nationale distributie aardgas 1959
• Eerste mens op de Maan 1969
• Nederlandse aanpak rioolwaterzuivering 1970
• Eerste mobiele consumenten telefoon 1983
• Val van de Berlijnse muur 1989
• Start worldwideweb 1991
• Earth Summit Rio de Janeiro 1992
• EU verdrag van Maastricht 1992 (o.a. invoering Euro)
• VN Klimaatverdrag van Parijs 2015 (o.a. opwarming tot 1.5 graden Celsius beperken)

Maar ik liet dit lijstje nog niet zien en vroeg wat zij als de belangrijkste transities in de maatschappij zagen. Op zo’n moment realiseer je je het verschil in leeftijd en beleving. Want dingen die mij als belangrijk voor ogen stonden waren geheel buiten hun ervaringswereld. Tijdens de adembenemende landing van de eerste mens op de Maan of de val van de Berlijnse Muur waren ze nog niet geboren! Zij kwamen met een ander lijstje, waaronder:

• De eerste i-Phone
• Internet
• Zwarte Piet discussie
• Tinder
• Drones
• Zelfrijdende auto’s

Er overlapten maar enkele onderwerpen. Het laat zien dat wat op een bepaald moment in de geschiedenis een transitie was, later voor lief wordt genomen. We kunnen maar moeilijk zien wat er eigenlijk gebeurt als je de maatschappelijke ontwikkelingen in een groter tijdsperspectief zou plaatsen. We hebben maar beperkt overzicht. Wat is de mega-transitie van de afgelopen decennia, de afgelopen eeuwen, de afgelopen millennia?

Ik realiseerde me dat generaties die uitsterven hun ervaringswereld meenemen, waarmee die voor goed zou uitdoven als er geen bibliotheken waren, net zo goed als de ervaringswereld van de huidige jonge generatie maar nauwelijks nog beleefd kan worden door de oudere generatie. Hun geheugen zit al zo vol met de eigen ervaringen en er zijn steeds minder andere mensen waarmee die kan worden gememoreerd. De beleving van transities golft uit ons bewustzijn met het uitsterven van generaties en wordt vervangen door de belevingen van aanstormende nieuwe generaties die met een schone lei beginnen. Dat helpt niet om de grote transities te doorgronden.

Denken over transities in Nederland

In ons land is het denken over transities beïnvloed door mijn collega Jan Rotmans, zoals verwoord in bijvoorbeeld ‘Transities & transitiemanagement: Oorsprong, status en toekomst’, van Loorbach en Rotmans, Rotterdam: Drift, 2012; en ‘In het oog van de or¬kaan’, Rotmans, Boxtel: Aeneas, 2012. Twee decennia eerder kwam al de Commissie Lange Termijn Milieubeleid (CLTM) onder leiding van Nico Nelissen met het concept van noodzakelijke ‘trendbreuken’ om een duurzame toekomst van Nederland mogelijk te maken (Het Milieu: denkbeelden voor de 21ste eeuw, CLTM, Zeist: Kerckebosch, 1990). Bewust of onbewust is het werk van Rotmans hier een verlengstuk van. Zijn transitiekunde vond zijn oorsprong in de technologische transities die voor het milieu nodig waren en verbreedde hij later naar het thema duurzaamheid om vervolgens uit te waaieren naar elke maatschappelijke transitie, inclusief die van voeding en gezondheidszorg. Hij laat zien dat er bij transities eerst een bewustwordingsfase is, een kleine groep vernieuwers die een nieuwe technologie of handelwijze praktiseren en propageren. Vervolgens groeit wat eerst een te verwaarlozen groepje modernen was uit waardoor een kantelpunt in bewustzijn wordt bereikt en plotseling een meerderheid ontstaat die oude drempels voor de vernieuwing in één golfbeweging slecht. Daarmee is de transitie naar een nieuw maatschappelijk gebruik een feit. De samenleving lijkt op dat moment ook vergeten dat er veel tegenstanders waren, de transitie is het nieuwe vanzelfsprekende, de nieuwe norm. We vinden het natuurlijk dat er veilig en altijd oproepbaar leidingwater in onze huizen is, dat we televisie hebben, een werkende mobiele telefoon, recht op betaalbare gezondheidszorg, ouderenzorg, jeugdzorg. Natuurlijk hebben vrouwen gelijke rechten als mannen, etc. Inderdaad, maar dat was niet altijd zo. Daarvoor waren transities nodig, daarvoor moesten kantelaars aan het werk en kantelpunten worden genomen, in Rotmans terminologie. Verandermanagement bestond natuurlijk al langer in de bedrijfskunde, met een analyse van de ‘early adapters’ en de ‘late resisters’ en met raadgevingen hoe met hen in je bedrijf om te gaan bij het doorvoeren van een grote verandering. Toch heeft de transitie ook iets magisch. Ik bedoel daarmee het moment dat het geloof in de vooruitgang, die de nieuwe ontwikkeling brengt, overslaat op een veel grotere groep dan daarvoor. Wat eerst nog wordt betwijfeld, wordt ineens vanzelfsprekend. Er lijkt een resonantie effect op te treden, zoals de snaar op de ene viool gaat meetrillen met een aangestreken snaar op een andere viool. Een muziekstuk lijkt zich over een ieder uit te gieten en je trilt mee of je wilt of niet. Er is zoiets als een groepseffect bij betrokken. Er wordt een nieuw lied ingezet en al snel zingt iedereen dat mee.

De geboorte van het menselijk Ik is de mega-transitie van de afgelopen millennia

Maar ik wilde met de studenten niet uitgebreid bij het transitieproces zelf stilstaan, maar een stap maken die de transities, die elkaar steeds sneller lijken op te volgen, in een voor hen nieuw daglicht zou plaatsen. Ik probeerde hen er bewust van te maken dat ze over iets unieks beschikken en om na te gaan hoe dat door de transities wordt beïnvloed. Ik zei: ‘het goud waarover jullie beschikken is jullie Ik, jullie zelfbewustzijn. En je moet er goed op leren letten wat een transitie met je Ik doet’. Het geboren worden van het menselijke Ik is immers de mega-transitie van de afgelopen millennia!

Twee soorten transities

Heel veel van de genoemde transities hebben een technisch karakter. Ze veraangenamen of vergemakkelijken het leven, maar wat betekenen ze voor ons Ik? De mens had vroeger nog niet zo’n zelfbewustzijn. We behoorden tot onze stam, tot onze familie, tot ons gilde, tot ons land, tot ons taalgebied, tot ons geloof. Dat ik is zich gaan manifesteren aan het begin van onze jaartelling wanneer bijvoorbeeld in Rome de burgerrechten algemeen worden ingevoerd. Het neemt in onze dagen een grote vlucht door de individualisering, waarbij publieke sociale vangnetten het ook mogelijk maken om niet meer afhankelijk van je familie te zijn als je bijvoorbeeld weinig inkomsten hebt of ziek wordt. Maar het ik staat ook bloot aan gevaren. Het persoonlijke ik kan zich verheffen tot een universeel ik, een ik dat niet alleen oog heeft voor het eigen belang maar ook voor dat van anderen. Maar het ik kan ook terugvallen in het eerdere groepsbewustzijn waar het uit is voortgekomen. Hoe universeler de waarden die het persoonlijke ik hanteert hoe meer duurzaam de houding van zo’n persoon of organisatie is te noemen. Hoe omvattender het bewustzijn van de mens, hoe verder deze zich als zelfbewust ik heeft ontwikkeld. En mijn vraag was nu hoe de transities in verband staan met deze houdingen waarmee het handelende ik zich uitdrukt. Staan de transities in verband met een sterker en wakkerder ik of juist niet? Vanuit deze vraag kwamen we ertoe de transities wat beter onder de loep te nemen. We zagen dat er eigenlijk twee soorten transities zijn: technische en morele.

Technische transities werken op het ik

De meeste transities behoorden tot de technische. Zij veraangenamen ons leven en nemen ons werk uit handen. Daar is niets mis mee, maar er lijkt toch een gevaar in te schuilen. Veel technologische transities nemen ons iets uit handen waarvoor we eerder met onze aandacht, ons ik, een prestatie moesten leveren. Om paard te rijden moesten we wakker sturen, in de zelfrijdende auto kunnen we in slaap vallen. Een aantal studenten zag daar geen bezwaar in. Er hoeft ook geen bezwaar te zijn, als we ondanks de techniek ons wakkere ik blijven gebruiken. Maar het wordt anders als ons ik wordt overgenomen door de machines en hun eigen wetmatigheden. Want aan de lopende band wordt de mens ont-ikt, in de bureaucratie wordt het vuur van het ik gedoofd, en wie elke vijf minuten zijn berichten checkt is zijn vrije ik aan het kwijtraken. Dat is het ergste dat ons kan overkomen. Want het wakkere ik dat zich in dienst stelt van het universele belang is de verdere evolutieweg die we kunnen gaan. Zonder dat ik, zonder die groeipotentie naar groter bewustzijn, vallen we terug in een fase waar we juist twee millennia geleden uit zijn gekomen.

Morele transities komen voort uit het ik

De andere soort transities, de morele, zijn van een heel andere aard. We vatten daaronder transities zoals de oprichting van de Verenigde Naties, het Klimaatverdrag van Parijs, maar ook de Zwarte Piet discussie. Deze transities komen niet uit de technologische vernieuwing voort maar uit de groei van ons bewustzijn. Zij zijn juist uitingen van ons handelende ik dat een stap maakt naar een omvattender perspectief, naar een hogere duurzaamheidshouding.

Door onze dialoog werd onze blik op het transitieproces verrijkt. Zonder een groeiend bewustzijn en wakker ik is het maar de vraag of een technologische transitie zo zegenrijk is als we denken.

Donderdag 2 juni 2016

Geef een reactie